Oude Site

Jan Werle stuit op felle tegenstand

 

Zoals gebruikelijk vond op de dinsdagavond na Pasen de jaarlijkse simultaanvoorstelling plaats. De afgelopen jaren zijn daarvoor steeds Friese grootmeesters ingehuurd : Karel van der Weide (nou ja, Fries?), Sipke Ernst en Yge Visser. Ditmaal maakte onze oud-clubgenoot en nog steeds sterker wordende grootmeester Jan Werle zijn opwachting tegen 32 tegenstanders, waaronder een vijftal jeugdspelers. 📷 Foto verwijderd i.v.m. copyright

Het duurde geruime tijd aleer Jan zijn eerste slachtoffer maakte en ook verder in de loop van de avond nam Jan soms ruim de tijd om zijn zet te bepalen. En zonder schade haalde hij de finish zeker niet. De eerste in wie hij zich verslikte was onze eigen Zahid. De manier waarop hij de grootmeester te slim af was, was zeer opmerkelijk.
Hieronder de stelling na een zet of dertig, Zahid uiteraard zwart.

📷 Foto verwijderd i.v.m. copyright Men hoeft geen getalenteerd schaker te zijn om te constateren dat de zwarte positie volledig hopeloos is. Hij kan geen zinvolle zet meer doen. Maar zoals bekend weet Zahid juist dan soms wonderen te bewerkstelligen. Jan permitteerde zich hier, in plaats van met de koning de c5-pion op te halen, het gulzige 1.Txc5??, om na het prompte antwoord 1... , Tc8 in diep gepeins te verzinken. Uiteindelijk dacht hij toch nog een overtuigende winstgang gevonden te hebben. Er volgde a tempo (Zahid liet zich deze kans op vluggeren uiteraard niet ontgaan) 2.Txc8+, Kxc8 3.c4, Kd7 4.c5, Kc6 5.b4, a5 6.bxa5, Kxc5 7.a6, Kxb6 8.f5?? (gewoon 8.axb7 was nog goed genoeg geweest voor remise) 8 .. , g6! Dat had Jan overzien; hij had slechts rekening gehouden met 8. .., bxa6 9.g6, fxg6 10.f6 en wint. Na 8. .., g6 blijft wit echter plotsklaps met een verloren pionneneindspel achter.

Inmiddels had Jan al heel wat opponenten gevloerd, maar er waren toch ook verschillende borden waarop onze grootmeester op geduchte tegenstand stuitte. Zo verdedigde Foppe Rinsema een iets minder staand eindspel op geroutineerde wijze en behaalde volkomen verdiend een uitstekende remise. En ook Herman Bergsma en Erik Kruit hielden voortreffelijk stand. En dan was er nog onze voorzitter die kans kreeg zijn uitgebreide theoriekennis van de Grünfeld Indiër te etaleren op een wijze waarvan Kasparov nog iets had kunnen leren. Helaas miste hij de mentale moed een uit nood geboren remiseaanbod van Jan te weerstaan. 



 

Nu we het toch over bestuursleden hebben: onze penningmeester schroomde niet een superscherpe Najdorf in te zetten op een wijze waarvan groten als Anand en Topalov nog heel wat zouden kunnen leren. Maar plots kwam er een kink in de kabel: een door overmatig zelfvertrouwen gepleegd stukoffer  bleek slechts tot zelfdestructie te leiden. Een triest einde van de zo meesterlijk opgezette partij.


Het was al na twaalven toen Erik Sparenberg als laatste een één op één gevecht met de grootmeester mocht aangaan. Erik had zich in een gecompliceerd middenspel voortreffelijk geweerd en had er een kwaliteit aan overgehouden. Maar winst voor hem zat er bij het gereduceerde materiaal toch niet in.
Eindresultaat voor Jan: 26 gewonnen, 5 remise, 1 verloren (89%). Toch nog altijd een prima prestatie.

Eddie Scholl