Oude Site
EEN FRUSTREREND MOOI SPELLETJE |
Door Harmen van den Berg
Na jaren actieve dienst in het eerste van Philidor beginnen de resultaten de laatste seizoenen wel erg hard terug te lopen. Ooit eens binnengehaald als sprankelend talentvol jeugdspeler; inmiddels afgedaald tot het bedenkelijke niveau van een aftakelende twintiger met schaaktechnische dementieverschijnselen.
Dit heeft dan ook geresulteerd in een ongekende serie nullen in het seizoen 2008/2009, een ongewenste doch meer dan terechte sabbatical in het seizoen 2009/2010, en nog steeds achterblijvende resultaten in het seizoen 2010/2011. En dat na die tweede kans die mij dit seizoen geboden werd om wederom uit te mogen komen voor het Vlaggenschip van het Friesche Schaak. Tijd voor actie dus!
Een korte analyse was voldoende om de vinger op de zere plek te leggen: ondanks een tamelijk dubieuze kennis van de meeste schaakopeningen kom ik in vrijwel elke partij prima de eerste 15 zetten door. Op het moment dat ik in een speelbare tot goede stelling terecht kom, weet ik echter binnen de kortste keren een paar rukzetten te produceren waardoor mijn voordeel verdwijnt als sneeuw voor de zon. Een grote besluiteloosheid ligt hieraan ten grondslag, wat steevast resulteert in overmatig tijdgebruik en onnodige diepe analyses van onzinnige varianten, met uiteindelijk een beroerde en ondoordachte voortzetting tot gevolg. Helder schaken en gewoon goede en de meest voordehandliggende zetten doen is er vaak al niet meer bij. En de `killing-move` die de tegenstander tot overgave dwingt? Mij niet gezien!
De grote oorzaak achter deze problematiek? Veel te weinig wedstrijdritme! Het aantal serieuze toernooien dat ik per jaar speel is op de handen van één vinger te tellen.
De handdoek in de ring is echter geen optie; verliefd dat ik nog steeds ben op dat wonderschone spel op de 64 velden. Derhalve besloot ik markt van schakend Amsterdam eens wat nader onder de loep te nemen, met een voorlopige deelname aan de interne competitie van Caïssa tot gevolg.
Een bloeiende vereniging kan ik wel zeggen, met een actieve en sterk bezette interne competitie (30-40 partijen elke clubavond en ruim 25 2100+ spelers), een wonderschone en goedbereikbare speellocatie (Huize Lydia aan het Roelofhartplein) en een zeer goed bijgehouden website (www.caissa-amsterdam.nl, zeker de moeite van het bezoeken waard). Het enige nadeel is het speeltempo: 1 uur en 45 minuten met helemaal niks er meer bij.
Na een eerste partij vol vuur en vlam tegen Arne Moll (met een gelijkspel in de laatste minuut als resultaat), wachtte in mijn tweede partij Rob Bodicker met de witte stukken:
1.d4 f5 2.g3 Pf6 3.Lg2 d6 4.Pc3 g6 5.h4 Pbd7 6.d5 Pe5 7.Ph3 Lg7 8.Pf4 h6!? Zwart kiest voor een actieve verdediging, waarbij een snelle witte aanval met h5 kan worden beantwoord met de zet g5. 8...c6 is het gangbare alternatief: [8...c6 9.h5 (9.0–0 0–0 10.Le3 Ld7 11.Ld4 c5 12.Lxe5 dxe5 13.Pe6 Lxe6 14.dxe6 Dc7 15.e4 f4÷) 9...Ld7 10.h6 Lf8 11.Pd3 Pf7 12.Ld2 g5?! 13.e4²] 9.Le3 0–0 10.Ld4 De8 11.h5 g5! De geplande voortzetting, inclusief het daarop volgende kwaliteitsoffer. Het alternatief Pxh5 ziet er niet lekker uit, ook al lijkt het speelbaar [11...Pxh5 12.Pxh5 gxh5 13.f4 Pg4 14.Lxg7 Kxg7 15.Dd4+ Tf6 16.0–0–0 c5÷] 12.Lxe5 dxe5 13.Pg6 e4! Een heel belangrijke zet, waarmee zwart veel ruimte pakt, de bewegingsruimte van de witte stukken belemmert en tevens het monster op g7 alvast wat lucht geeft. 14.Pxf8 Kxf8 15.e3 b5!
📷 Foto verwijderd i.v.m. copyright
(Diagram 1: na 15... b5)
à tempo gespeeld: na zo`n kwaliteitsoffer moet je de tegenstander met gepaste powerplay schaaktechnisch en mentaal gelijk onder druk zetten!
In ruil voor de kwaliteit heeft zwart een groot ruimtevoordeel, een snel te realiseren druk op pion d5 (Lb7 gevolgd door Td8 en eventueel Df7), alsmede actief stukkenspel. Daarnaast heeft de witte koning niet echt een goed heenkomen: de koningsvleugel ligt door de ver vooruitgeschoven pionnen al helemaal open (en pion h5 is op de lange duur moeilijk te verdedigen); op de damevleugel heeft zwart goede aanvalskansen, met de sterke zwartveldige loper op de lange diagonaal. De zwarte koning staat daarentegen betrekkelijk veilig; juist vanwege de heerschappij van zwart op de zwarte velden, en de passieve stukken van wit die moeizaam van de witte velden gebruik kunnen maken.
16.a4!? Voor rustig afwachten heeft wit geen tijd: [16.a3 Lb7 17.Dd2 Td8 18.0–0–0 c5 met goede aanvalskansen voor zwart, bijvoorbeeld: 19.De2 b4 20.axb4 cxb4 21.Db5 (21.Pb1 Da4 22.f3 Lxd5 23.fxe4 Pxe4³) 21...bxc3 22.Dxb7 cxb2+ 23.Dxb2 Pg4³] b4 17.Pb5 Dd7 18.c4 bxc3 19.Pxc3 Tb8 Na La6 volgt Lf1 20.Lf1? en door de aanhoudende druk van zwart begint wit al gekke zetten te doen. Na het meer logische 20.Tb1 zou iets als 20...Db6 21.Dd2 Ld7 22.Lf1 Le8 23.Le2 Lf7 kunnen volgen met goed spel voor zwart Txb2 21.Lb5 Dd6 22.Tb1
📷 Foto verwijderd i.v.m. copyright
(Diagram 2: na 22.Tb1)
22...Txf2!! Tuurlijk! Wie A zegt moet ook B zeggen, en zo`n stelling vraagt er natuurlijk gewoon om (of het nou correct is of niet). Direct winnend lijkt [22...Pg4 23.Txb2 Lxc3 24.Td2 Db4 -+ en wit kan niks meer (aldus analytische toezegging van grote vriend Rybka)] 23.Kxf2 Pg4+ 24.Ke2 Lxc3 Niet voldoende is 24...Dxg3 25.Dg1 Df3 26.Kd2 Lxc3 27.Kxc3 Pxe3 28.Kb2! +- en wit ontsnapt. 25.Tg1 Hier had wit mogelijk nog kunnen ontsnappen naar remise: [25.Dc1 Dxg3 (25...La5 26.Dc6 Dxg3 27.De8+ Kg7 28.Dxe7=) 26.Dxc3 Dg2+ 27.Kd1 Dxh1+ 28.Kd2 (Niet 28.Kc2 Dh2+ 29.Kb3 Pf6 30.Lc6 Dd6 31.Kc2 Ld7µ) 28...Dh2+ (28...Dxb1 29.Dh8+ Kf7 30.Le8#) 29.Le2 Kf7 30.Dh8 Df2 31.Tb3 Lb7 32.Txb7 Dxe3+ 33.Ke1 Dg1=] 25...Dc5 26.Dc1 f4!
📷 Foto verwijderd i.v.m. copyright
(Diagram 3: na 26...f4)
Ziet er al winnend uit. De dreiging van de doorstoot naar f3 is dodelijk en de e-pion kan niet ingrijpen. Het kostte even wat bedenktijd, maar deze stelling met nog een kwartier te gaan zag ik wel zitten! 27.gxf4 gxf4 28.Txg4 enige zet: [28.Tf1 f3+ 29.Txf3+ exf3+ 30.Kxf3 Dxd5+ 31.Ke2 Da2+–+] 28...Lxg4+ 29.Kf1 fxe3 30.Le2
📷 Foto verwijderd i.v.m. copyright
(Diagram 4: na 30.Le2)
30...Lh3+?! Inmiddels toch wel in stevige tijdnood gekomen leek dit mij de beste voortzetting. Rybka vindt hier echter een geforceerd winnende variant, die mij tijdens de partij was ontgaan: [30...Lxe2+ 31.Kxe2 Dc4+ 32.Kxe3 Dd3+ 33.Kf2 Df3+ 34.Kg1 Dg3+ 35.Kf1 Dh3+ 36.Kf2 Ld4+ 37.Ke1 Dg3+ 38.Ke2 Df3+ 39.Kd2 Df2+ 40.Kd1 Df1+ 41.Kd2 e3+ 42.Kc2 Dc4+ 43.Kd1 Dd3+ 44.Ke1 Lc3+ 45.Dxc3 Dxc3+–+] Ik geef het toe: die had ik ook best zelf mogen bedenken... 31.Kg1 Dd6 [31...e6 32.Tb3 Ld4 33.Dxc5+ Lxc5 34.dxe6 Lxe6 35.Tb8+ Kg7 36.a5=] 32.Kh1! Tsja, want die had ik dus gemist bij het spelen van 30.. Lh3 Dg3 33.Dg1 Dh4 34.Dh2? Wit mist hier wederom een geforceerde variant tot remise [34.Tb8+ Lc8+ 35.Dh2 De1+ 36.Dg1 Dh4+=] 34...Le1!
📷 Foto verwijderd i.v.m. copyright
(Diagram 5: na 34...Le1)
En met nog circa 2 Garde-minuten op de klok wist ik de winnende zet Le1 te vinden. Er is geen verdediging meer mogelijk tegen het dreigende Lg3. Ook een geforceerde afruil tot een eindspel met nog steeds een kwaliteit meer voor wit is vanwege de vele en verre pionnen van zwart een verloren zaak: [35.Lf1 Lxf1 36.Dxh4 Lxh4 37.Txf1+ Ke8 38.Tf4 e2 39.Txe4 e1D+ –+] Wit besloot zijn resterende 45 minuten nog eens goed te gaan besteden.
35.d6! Met nog een onduidelijke twee minuten op mijn klok en in een verloren stelling rest er voor wit nog maar één ding: rommelen! 35...cxd6? Tsja, in hevige tijdnood ben je toch snel geneigd om de veiligst ogende oplossing te kiezen. Maar waarom speel ik Philidorsnaam niet gewoon 35...Lg3? Het gevaarlijk ogende 36.Tf1+ Lxf1 37.Dxh4 Lxh4 38.d7 faalt immers simpel op 38...e5. 36.Lc4! En daar zit je dan, met iets van 0 tot 2 minuten op de klok en onduidelijke rommelkansjes voor wit... 36...e5? Weer niet de beste [36...Kg7 37.Tb8 Dxh5 38.Tg8+ Kh7–+] 37.Tb8+ Ke7 38.Tb7+ Kd8 39.Tg7 Df6?? En daar komt de grote blunder [Nog steeds winnend maar niet eenvoudig is: 39...Dxh5 40.Tg8+ Ke7 41.Tg7+ Kf6 42.Tf7+ Kg6 43.Tf8 Dh4–+] 40.Tg8+ Kc7 41.Dxh3 Df3+ 42.Kh2 De afwikkeling 42.Dxf3 exf3 43.Ld4 f2 44.Lc4 d5 45.Le2 e4 is een analyse+diagram op zich waard, maar zou toch wel te winnen moeten zijn voor wit zo op het eerste gezicht. Df2+ 43.Dg2 Kb6 44.Kh1 en wat hierna volgde heb ik niet meer kunnen achterhalen. In wilde tijdnood (de witspeler had inmiddels ook al 40 minuten van zijn voorsprong verbruikt) volgden nog tal van zetten, waarbij zwart uiteindelijk in gewonnen stelling (!) door de vlag ging.
1-0
Oef! Zo`n nul is even incasseren, na een prachtig gespeelde partij waarin alles leek te kloppen behalve het eindresultaat... (Het feit dat Rybka van elke mooie partij gehakt weet te maken laat ik hierbij even achterwege) Tsja, en waarom was ik hier ook alweer op deze clubavond? Iets met een gebrek aan wedstrijdritme, het achterwege laten van de beslissende klap en het voortdurend in tijdnood komen? Voila! De enige woorden die ik het uit kon brengen waren ``Och, och, och!``
Een misselijkmakend dubbel gevoel greep mij: euforie om de mooi gespeelde aanvalspartij en de schoonheid van het spel; diepe en diepe teleurstelling vanwege het wederom uitblijven van resultaat.
Wat is dat schaken toch ook een frustrerend mooi spelletje!

