Oude Site

OVERWERKT

Door Ir. W.J. Klasma
Hurdegaryp

vierde aflevering lentecompetitie

 

Uw vaste verslaggever heeft zich veel te veel werk op de hals gehaald. In plaats van gewoon verslag te doen van de lentecompetitie, heeft hij er Jan Rap en zijn maat bijgehaald om het een beetje interessant te houden en zich daarbij schromelijk verkeken op de beloftes om over van alles en nog wat te gaan schrijven. Ik noem maar even welke toezeggingen hij allemaal gedaan heeft. Hij beloofde verhandelingen over ‘Het makelaarsjargon’, ‘Rood haar en bigamie’, ‘Schaken’ (met voortdurende betrekking op de lentecompetitie), ‘Het proces tegen Wilders‘, ‘Het geheim van de goede gehaktbal’, ‘Heupdysplasie bij het Italiaanse vlinderhondje’, ‘Het Britse koningshuis en andere archeologische vondsten’, ‘De avonturen van een allochtone gedagvaarde met geblondeerd haar’, ‘De afname van biologische kwarteleieren bij het ontbijt’, ‘Werkeloosheid en de Staatsloterij’, ‘Bodemverzakkingen in Soestdijk’, ‘De kiesdrempel te hoog bij sterrenrestaurants?’ en ‘Florale versieringen in het Famille- rose porselein’.

Verleden week was ik bij hem op bezoek en trof hem aan tussen stapels boeken, paperassen, prullenbakken vol met verscheurd papier, overvolle asbakken en flessen drank. De kamer stond werkelijk blauw van de rook en de allesverwoestende pornofonie van Iron Maiden was tot in Exmorra te horen. Verwilderd vroeg hij me of ik het  verslag wilde maken van de vierde sessie in de lentecompetitie. Dat wil ik graag voor hem doen, maar voordat ik gevolg geef aan zijn wens, wil ik eerst alle schakers die van harte hebben ingestemd met mijn opmerkingen in het laatste jaarboek over het ‘mienskiplijk’ gemarchandeer rond de klucht Leeuwarden Culturele Hoofdstad 20918, hartelijk dankzeggen. Aansluitend hierop wil ik van de gelegenheid gebruik maken om u allen te waarschuwen voor de op handen zijnde calamiteit in 2018. Een beknopt geschiedkundig overzicht laat duidelijk zien dat er geen zegen rust op jaartallen eindigend op ’18. Het regent oorlogen, epidemieën en branden. In 1018 was er de bekende slag bij Vlaardingen, in 1118 weer een slag, nu bij Zaragoza, in 1218 wordt Simon van Montfort tijdens het beleg van Toulouse getroffen door een steen en sterft, in 1318 gebeurt er helemaal niets (en dat is ook verschrikkelijk), in 1418 worden Dordrecht en Rotterdam belegerd, in 1518 woedt een desastreuze dansepidemie (het verband met de Argentijnse danswoede van onze penningmeester noopt tot nader onderzoek), in 1618 beginnen we met de 30-jarige oorlog, in 1718 noteren we een grote stadsbrand in Parijs en in 1818 krijgt Almelo riolering. Dat leek prachtig, maar 70 later is dit het resultaat.

📷 Foto verwijderd i.v.m. copyright
          

Een zeer gewaardeerd oud-lid is een aantal jaren geleden verhuisd naar dat verlaten moerasgebied en sindsdien is er nooit meer iets van hem vernomen.

📷 Foto verwijderd i.v.m. copyright

In 1918 heerst een allesverwoestende Spaanse griep en dan nu in 2018: Leeuwarden Culturele Hoofdstad. Rampzaliger kan het niet worden. Het moge duidelijk zijn: binnenblijven is de boodschap. Doe alle deuren en ramen op slot, sla ruim van tevoren drank en voedsel in en herlees alle boeken met meer dan 3000 bladzijden, of leer de woordenboeken Sanskriet-Portugees, Swahili-Urdu en Fries-IJslands uit het hoofd.

Over naar de lentecompetitie. Zo’n anderhalf uur heb ik rondgelopen en rondgekeken. Van maar drie partijen heb ik de uitslag. Omdat ik op de site wel de uitslagen vond van de play-off, maar niet die van de lentecompetitie, en het mijn vaste voornemen is om niet op de zondag te werken, moet u maar genoegen nemen met deze uitslag.

Derk kwam aardig in het nauw te zitten, maar Wolter drukte niet door en zo ging Derk toch nog met de eer strijken. Sytze plaatste in het eindspel een fraaie vork en prikte een toren mee. Het mooie bij Joop was er toen al af, maar na dat torenverlies gaf hij op. Siem had binnen korte tijd geweldig materiaalvoordeel en dat was voor Jan reden om ook maar zijn koning om te leggen. Leo speelde een solide partij tegen Karel en met een strak uitgevoerd pionneneindspel kon hij tevreden aan zijn Koninck gaan nippen. Rinze gaf al in het begin een pion weg (Erik: “Ik geef nooit iets weg, maar ik offer wel graag”), maar hoe dat afliep? Sake begon aan een zeer dreigende pionnenmars, meer weet ik niet. Gerard had in het eindspel twee pionnen meer en dat lijkt me te veel.

Tot mijn verbijstering zag ik dat uw vaste verslaggever ook aanwezig was. Ik vreesde het ergste. Mijn vrees was volkomen gegrond: als een razende begon hij zijn partij tegen Abe. Veel verstand van schaken heb ik niet (in 1952 haalde ik, na zes keer gezakt te zijn, het felbegeerde pionnendiploma), maar ik zag wel hoe hij zijn (best wel aardig opgezette) partij met één intelligente zet naar de Filistijnen hielp. Schuchter stamelde hij: “De florale versieringen van het Britse koningshuis had ik in het beschimmelde vlinderhondje gevlochten”.

Ter leering ende vermaeck:




Met de jas ver over zijn vertrokken hoofd getrokken, verliet hij schuifelend het speellokaal. Vanaf deze plek wens ik hem alle sterkte en beterschap toe. Ik heb hem nog wel op het hart gedrukt om in ieder geval de verhandeling over ‘Het Britse Koningshuis en andere archeologische vondsten’ te schrappen. Het enige verband met schaken is namelijk dat de Britse vorstin ooit eens een eerste zet moest doen, verbaasd naar het bord keek en het abrupt, met stukken en al, omdraaide onder de historische woorden: “Wij spelen thuis altijd op de achterkant”. Maar ook het essay over ‘Heupdysplasie bij het Italiaanse vlinderhondje’ mag hij wat mij betreft schrappen, omdat dit ook bijster weinig met het schaken te maken heeft. GM Boris Alexej Fjodorov (2675) heeft een keer of twee opgepast op de lieveling  (een Italiaans vlinderhondje) van zijn schoonmoeder, maar of dat 35 pagina’s over dat doorgefokte mormel rechtvaardigt is uiterst discutabel. Of naar mijn raad geluisterd zal worden valt sterk te betwijfelen. Enfin, ik heb mijn best gedaan. Het ga u goed.