Door leo van Maanen
| Philidor 3 | Rating | Haren 1 | Rating | |
| Jong de, S.F.J. (Siegbert) | 1915 | Aden, M. (Meino) | 1963 | 1 – 0 |
| Kruit, E.A. (Erik) | 1892 | Suurmeijer, R.T. (Raoul) | 1951 | 1 – 0 |
| Hoekstra, P. (Pieter) | 1806 | Aden, D. (Dagmar) | 1915 | 0 – 1 |
| Wit de, J. (Jim) | 1722 | Goedhart, M.J. (Martin) | 1774 | 1 – 0 |
| Eijk van, S.G. (Siem) | 1817 | Hiemstra, T. (Tomas) | 1804 | 0 – 1 |
| Maanen van, L. (Leo) | 1709 | Derksen, J. (Jan) | 1645 | 0 – 1 |
| Brinksma, P. (Pieter) | 1634 | Groot de, H. (Harry) | 1833 | 0 – 1 |
| Zeng, H. (Henry) | 1533 | Kieft, H.S.R. (Remco) | 1536 | ½ – ½ |
| Gemiddelde Rating: | 1754 | Gemiddelde Rating: | 1803 | 3½-4½ |
Het derde moest deze wedstrijd winnen om ook volgend jaar in de vijfde klasse te mogen spelen. Door de versterkte degradatieregeling degraderen de nummers 7 en 8 en de vijf slechtste nummers 6 naar de zesde klasse. Achteraf was een minimale winst van 4½-3½ voldoende voor lijfsbehoud.
De inhaalwedstrijd tegen Haren 1 op de oude speellocatie aan het Kalverdijkje heeft een aantal momenten gehad waarop deze gewenste overwinning wel degelijk kon worden bereikt.
Siem was de laatste maanden goed op dreef maar hij nu na een half uur al klaar. In een Damegambiet kreeg hij al snel een dubbelpion op de f-lijn. Dit gaf wel aanvalskansen op de g-lijn maar zijn koning stond niet veilig en toen er een f-pion verloren ging kon hij opgeven, 0-1.
Jim, de steun en toeverlaat van het derde was ook snel klaar. Hij creëerde in een hoog tempo meerdere dreigingen die niet te pareren waren, 1-1.
Ook het andere jeugdtalent, Henry, maakte het zijn tegenstander erg moeilijk en die mocht uiteindelijk in zijn handen knijpen met remise, 1½-1½.
Pieter Brinksma speelde goed tegen een sterke tegenstander en lange tijd stond het gelijk maar hij stond ineens een stuk achter. Pieter probeerde nog met een aantal dreigingen complicaties in de stelling te weven maar die werden keurig gepareerd, 1½-2½.
Ik speelde wellicht niet optimaal maar uiteindelijk had ik een stelling met D+T+P+L en een vrijpion tegen D+2T, +6 volgens de rekenmachine en nog voldoende tijd. In gedachten had ik het punt al binnen maar mijn reactie 29. Kf1 op 28… Tc1 was niet goed, 29. Dd2 was wel goed geweest en toen na 29 ….f3, 30 gxf3 … Dxh2 volgde dacht ik in volledige schaakblindheid dat het op de volgende zet mat zou zijn en gaf op. Siem stond er naast en zei na 30. Ld1 is er niets aan de hand en dat was ook zo hoewel het voordeel wel weg was. Dit was een heel dure fout, het verschil tussen wel of niet degraderen, 1½-3½.

Siegbert speelde wwer een prima partij: Wit had na 14…g4 opeens geen goed veld voor zijn paard op f3. Het kostte hem een pion na 15.Ph4 en even later 18…Lxh4 19.gxh4 Dxh4. Wit won zijn pion later terug, maar daar stond tegenover dat de g-lijn toen open kwam en later ook de diagonaal a8-h1. Een tijdelijk dame-offer leidde opnieuw tot pionwinst en als mijn tegenstander daarop zou zijn ingegaan tot winst van twee pionnen. Wit ging er niet op in, maar de zet waar hij voor koos, leidde meteen tot stukwinst, 2½-3½.
In de partij van Erik lag de nadruk op die vermaledijde pionnetjes.
Met wit speelde ik tegen Raoul Suurmeijer.
Te gretig pakte ik hier met Lf4 een pionnetje. De dreiging 10… f6 volledig gemist. 10. Lb3 was hier de aangewezen zet.

Met een stuk tegen een pion achter in een verloren positie toch nog verder gespeeld, omdat het team moest winnen om kans te hebben op lijfsbehoud voor de klasse. Zo kwamen we tot de volgende stand. Ik hoopte op Pe8, want dan kwam ik zeker weer op gelijke hoogte.

En tot mijn geluk volgde inderdaad 18… Pe8. Hierop volde direct 19. c5! Nu heeft zwart een probleem. Weer een pion die voor een kantelpunt in de partij zorgt. De beste zet is nu het paard weer terug naar c7, dan wint wit zijn stuk terug en is er weer alle kans.
19… Dd7 kan niet wegens 20. Dh3! Zwart speelde echter 19… Lxb3. Nu is het uit 20. Dxb3+ Kh8 21. Tf8++ 1-0 en 3½-3½.
Pieter had lang een gelijk opgaande partij tegen de enige dame in de gehele speelzaal. Beiden hadden nog zes pionnen en een toren over met als enig verschil de positie van de torens. Pieter had zijn toren achter zijn pionnen en Carla had de toren voor haar pionnen. Dit verschil werd goed uitgebuit en Pieter was daardoor kansloos, 3½-4½.
We kunnen toch terugkijken op een behoorlijk seizoen met een aantal goede partijen en wat opviel was de goede inzet en prestaties van de jeugdspelers Jim en Henry.
Siegbert was de speler met de meeste punten gevolgd door Jim en daarna Erik, ook Henry deed het prima met 2.5 uit 4.
Volgend jaar zingen we een toontje lager maar we kunnen omhoog kijken en kampioen worden behoort dan zeker tot de mogelijkheden.


Geef een reactie
Je moet ingelogd zijn op om een reactie te plaatsen.